Angkor Wat?

Angkor Wat?

Angkor is de voormalige hoofdstad van het Khmer-rijk, dat bestond van 802 tot 1431, en de bekendste plek van Cambodja. Onder het bewind van Jayavarman VII, die grote delen van Thailand, Laos, Zuid-Maleisië en Vietnam veroverde, bereikte het rijk zijn grootste omvang. Angkor beslaat een gebied in de jungle van tientallen kilometers waarin veel ruïnes van tempels uit verschillende periodes te bezoeken zijn. Ten tijde van het Khmer-rijk woonden hier meer dan een miljoen mensen in houten gebouwen die de tand des tijds niet hebben doorstaan.

In 1431 werd Angkor veroverd door de Siamezen, een rijk dat in het tegenwoordige Thailand lag en waarvan de hoofdstad Ayutthaya was (zie mijn blogpost over mijn reis naar Thailand hier). Tijdens deze verovering werden de stad en de tempels deels verwoest. Volgens het beroemde Franse verhaal raakte de Angkor in de vergetelheid en werd het door de jungle teruggenomen totdat het in de negentiende eeuw werd ‘herontdekt’ door een Franse kolonist. Volgens antropoloog John ter Hort is het is echter zeer onwaarschijnlijker dat de voormalige hoofdstad werd vergeten door de lokale bevolking. Zo zijn er bewijzen dat de Cambodjaanse elite er vaak naartoe ging om op tijgers en olifanten te jagen. De toestand waarin de tempels verkeerden toen de Fransen kwamen bewijst wel dat de tempels waren verwaarloosd. Deze beweringen werden bevestigd door onze gids. Pas na de Franse ‘herontdekking’ werd Angkor een toeristische attractie.

Om Angkor te bezoeken word je genoodzaakt te verblijven in Siem Reap – dat overwinning op de Siamezen betekent – omdat er geen hotels in Angkor zelf staan. Siem Reap is een toeristisch maar gezellig en levendig oord, met nachtmarkten, restaurants en bars. Omdat het onmogelijk is om heel Angkor in één dag te zien kochten we een ticket voor twee dagen. Prijzig was dit wel, 40 dollar per persoon, maar we kregen wel een derde dag gratis. We betaalden in echte Amerikaanse dollars, want dat is een van de twee officiële munteenheden in Cambodja. Omdat er alleen briefjes in oploop zijn, bestaat het wisselgeld uit Cambodjaanse Riels.

De eerste dag hadden we een sunrise to sunset tour met gids geboekt. Om kwart voor 5 ’s ochtends vertrokken we om getuige te zijn van de zonsopkomst boven Angkor. We waren niet de enige; met drommen mensen tegelijk liepen we richting de tempel. Gelukkig wist onze gids ons te leiden naar een perfect en rustiger plekje. Ondanks de laaghangende bewolking was de zonsopgang magisch mooi.

20160702231055

Na de zonsopkomst werden we teruggebracht naar ons hotel om te ontbijten. Een uur later werden we weer opgehaald om Angkor Wat van dichtbij te bewonderen, de beroemdste tempel in het gebied. De tempel is gewijd aan de hindoeïstische god Vishnu en werd gebouwd in de twaalfde eeuw in opdracht van koning Suryavarman II. Volgens Wikipedia is de tempel het grootste religieuze monument ter wereld. De tempel is niet overwoekerd of uiteengevallen, maar heropgebouwd en deels gerestaureerd. Op sommige muren waren prachtige reliëfs te zien, terwijl sommige muren kaal waren. Vroeger werden diamanten en goud in de tempelmuren gestopt, maar deze werden verwijderd toen de tempels werden verlaten. Voor het betreden van de hoogste verdieping van Angkor Wat moesten we aansluiten in de rij, omdat er slechts 100 mensen naar boven mogen. Ieders kleding werd gecontroleerd op netheid, wat betekende dat schouders en knieën bedekt moesten zijn. Ik had speciaal hiervoor een nieuwe jurk moeten aanschaffen: wat een straf!

In tegenstelling tot Angkor Wat was de volgende tempel – Ta Phrom, waar ook de film Tomb Raider werd opgenomen – niet teruggebracht naar de oorspronkelijke staat. De tempel staat middenin de jungle, waardoor het donkerder was en er een haast griezelig sfeertje hing. De stenen waren bedekt met mos en op sommige plekken lagen ze kriskras verspreid over het terrein. Boomwortels hebben zich een weg gebaand tussen de stenen zodat op de tempels enorme bomen zijn gegroeid.

Onderweg naar de volgende locatie, de oude hoofdstad Angkor Thom, zagen we aapjes die langs de weg aan het rondscharrelen waren. Het zijn de laatste wilde zoogdieren die in het gebied leven. De tijgers en olifanten zijn verdwenen, afgezien van de gedomesticeerde olifanten die gebruikt worden om toeristen rond te rijden. In Angkor Thom was onder andere de Bayon tempel te bezoeken, waar 196 gezichten in de stenen zijn gebeiteld.

Aan het einde van de lange dag betraden we de tempel Phnom Bakheng, gelegen bovenop een berg vanwaar we prachtig uitzicht op de omgeving hadden. Slechts 300 mensen mogen tegelijk de bergtempel betreden en omdat onze gids er zeker van wilde zijn dat wij een plekje hadden om de zonsondergang te zien, bracht hij ons er op tijd naar toe. Han vond de 2,5 uur (!) die we moesten wachten in de hitte totdat dat zover was iets teveel van het goede. Desondanks wilde ik toch wachten, want het is een once in a lifetime opportunity om een zonsondergang te zien vanaf een Khmer ruïnetempel in Angkor. Dus terwijl Han aan de voet van de berg bier ging drinken, wachtte ik op een rustig plekje op de tempel tot de zon onderging en las tijdens het wachten over de geschiedenis van Angkor Wat in Ter Horst’s boek Muskietengat. Over de Franse ‘herontdekking’ die mooier gemaakt werd dan het was en over de eigenaar van Angkor, een rijke Cambodjaan met Vietnamese roots die de ticketrechten van het park van de staat kocht voor 1 miljoen dollar per jaar.

Na deze slopend lange dag lieten we die avond voor 3 dollar een half uur onze voeten masseren. We hebben ook een Dr. Fish Spa gedaan, waar vissen dode huidcellen van voeten oppeuzelen. Heel ontspannend vond ik het geknaag aan mijn voeten niet, maar ze werden er wel lekker glad van.

Onze tweede dag in Angkor deden we het iets rustiger aan door ’s ochtends te relaxen bij het zwembad van ons hotel en pas ’s middags tempels te bezoeken. Dit keer lieten we ons rondrijden door een tuktuk langs de minder bekende en daardoor rustigere, maar niet minder mooie overwoekerde Khmer tempels. Een van de tempels stond vroeger middenin een meer dat nu is opgedroogd. Han vond het vooral leuk dat er geen gids mee was die de route dicteerde en dat hij vrijuit over de stenen kon klauteren.

Dag drie was wederom volgepland zodat we alle interessante bezienswaardigheden die buiten Angkor lagen op één dag konden bezoeken. Allereerst bezochten we Banteay Srei, een tempel gebouwd in 967 die bekend staat om haar mooie gedetailleerde versiersels. Daarna bracht de tuktuk ons naar de heilige berg Phnom Kulen. Bovenop prijkt een tempel met een boeddha gemaakt van een van de rotsen. Er is ook een waterval waarin heilig water stroomt en waarin we een heerlijk verfrissende duik hebben genomen.

Omdat de weg naar de top dermate smal is, mogen auto’s tot 12 uur louter de berg oprijden en vanaf 1 uur ’s middags louter naar beneden. Onze tuktuk-bestuurder had ons daarom aangeraden om met een scooter te gaan, want scooters zitten niet aan deze tijden gebonden. En zo geschiedde, maar wel met zijn drieën op één scooter. Hij reed en wij zaten achterop. Het ging prima, al hadden we wel veel bekijks. De meeste toeristen boeken toch een tour per toeristenbus. Op de modderige stukken van de weg was het wel spannend. Éen keer gingen we bijna onderuit. Gelukkig reed onze bestuurder niet hard en zetten we alle drie tegelijk onze voeten op de grond, waardoor we overeind bleven staan terwijl de scooter een stukje door de modder weggleed. De verfrissende rit leidde ons door de prachtige jungle van de berg met uitzicht over het mooie groene landschap.

De laatste bestemming van deze derde dag was de tempel Beng Mealea. Het was de meest authentieke ruïne van alle tempels in Angkor. Dit komt doordat de tempel op geen enkele manier gerestaureerd is, waardoor we als in een Indiana Jones-film dit overwoekerde en half in elkaar gestort tempelcomplex in de jungle betraden. Hierna konden we geen tempel meer zien…

Ondanks dat het drie vermoeiende dagen waren, was het bezoek aan Angkor 100% de moeite waard en de perfecte laatste bestemming van onze reis door Cambodja.