Peat: past & present

Peat: past & present

Mijn opa, Jelis Kok, werkte in het veen. Hij was geboren en getogen in Drenthe, net als zijn vader: het hart van de veenwinning in de 19e eeuw. Diens vader en grootvader kwamen eveneens uit hetzelfde gebied, maar dan uit veenplaatsjes als Nieuw Pekela, gelegen in Groningen vlak langs de grens met Drenthe.

In mijn vorige blogs heb ik steeds gesproken over de Verenigde Staten, maar de Nederlandse veenkoloniën maken ook onderdeel uit van mijn onderzoek. Ik vergelijk de winkeldwang van plantagearbeiders in Louisiana met diezelfde dwang die Nederlandse veenarbeiders, mijn voorouders wellicht, ondervonden. In een artikel in het NRC uit 2011 werd Drenthe ‘het Louisiana van Nederland’ genoemd en de inmiddels overleden Drentse bluesheld Harry Muskee van Cuby and the Blizzards trok zelfs ‘paralellen (…) tussen de slaven op de plantages van Louisiana, waar de blues zijn oorsprong vond, en de veenarbeiders in het arme zuidoosten van Drenthe’ (Kester Freriks, ‘Drentse blues als opera’, NRC 27-7 (2011)).

Om meer feeling te krijgen met dit gedeelte van mijn (persoonlijke en professionele) geschiedenis en om op zoek te gaan naar bronnen bracht ik op een hete zomerdag in 2012 een bezoek aan het Veenpark in Barger-Compascuum, gelegen naast Emmer-Compascuum, het geboortedorp van mijn opa. Naast het plaggenhuttendorp en het museumdorp Bargermond, met onder andere een oude kruidenier en bakkerij met overheerlijke zoete broodjes, bestond er de mogelijkheid om met een treintje het veen te doorkruisen en live een ouderwetse turfafgraving te aanschouwen.

IMG_0268

Het Veenpark in Drenthe, 2012

Veenpark 2012

Het veenlandschap bezien vanuit het treintje in Veenpark Drenthe, 2012

 

Veenpark 2012

Turfafgraving in Veenpark Drenthe, 2012

In de expositieruimte was het een en ander te lezen over de geschiedenis van het veen. Natuurlijk was er aandacht voor gevonden veenlijken, waaronder het zestienjarige meisje van Yde, gevonden door veenarbeiders in 1897 en door ophanging om het leven gekomen. Op dit moment heeft ze haar laatste rustplaats gevonden in het Drents Museum in Assen. Ook het paar van Weerding kwam langs. Deze twee personen werden gevonden met hun armen ineengestrengeld, waardoor jarenlang werd aangenomen dat ze een liefdespaar – bestaande uit een man en een vrouw – waren. Na onderzoek bleek later dat het twee mannen betrof.

Helaas was er weinig  informatie te vinden over mijn onderzoeksonderwerp en hadden ze ook geen geschikte bronnen in hun archief. Helaas bracht dit bezoek dus weinig concrete hulp, maar deze verlevendiging van mijn onderwerp was toch zeker de moeite waard!